Menu Sluiten

Lidmaten.

In de doop- en trouwboeken hield de predikant ook bij welke mensen lid werden van de kerk in een bepaalde periode. Hij noteerde wie er belijdenis deed en ook wie er verhuisde uit en naar zijn gemeente, oftewel wie er lidmaat was.

Je kunt de lidmaten vinden op internet, Google lidmaten Groningen en zoek je eigen dorp. De opbouw van de site is gelijk, zie de voorbeelden:

Die van Thesinge heeft iets extra’s:

Wat is een akte van indemniteit of borgbrief ?

Bovenaan de akte begon men vaak met de Latijnse zin

‘Sit Tibi multa Salus, Lector, de Fonte Salutis!’.

Ofwel ‘Lezer, ik wens u veel geluk en gezondheid!’.

Vanaf ca. 1680 tot 1810 werd een akte van indemniteit afgegeven als verklaring dat iemand ging verhuizen, of wilde trouwen in een andere plaats.

De akte werd door het armen- of dorpsbestuur opgesteld wanneer hun inwoner niet financieel onafhankelijk was.

Het bestuur (zowel van de overheid als van de kerk) verklaarde hierin garant te staan voor die persoon in de nieuwe woonplaats.

Deze behoefte was voortgekomen uit de armenzorg, om armoede zoveel mogelijk de kop in te drukken.

Armoede was namelijk een groot probleem. Het volk kon namelijk aankloppen bij de ‘armenkas’ in de plaats waar zij waren geboren. Vandaar dat het bestuur van de nieuwe locatie vrijgesteld wilde worden.

Voor rekening van de nieuwe woonplaats

Zodra diegene in de nieuwe woonplaats tot armoede verviel, zouden de kosten van levensonderhoud voor de rekening van de vorige woonplaats komen.

De nieuwe woonplaats liep hierbij geen risico als die persoon zich daar zou vestigen, maar zichzelf uiteindelijk niet kon bedruipen.

Met andere woorden, de vorige woonplaats kon hiermee de nieuwe woonplaats ‘indemneren’, ofwel schadeloos stellen. Uiteraard hield het bestuur hier een register van bij.

De borgbrief werd ook wel ontlastbrief of akte van cautie genoemd. Ze werden eerst met de hand geschreven, maar als snel gebruikte men voorbedrukte formulieren.

Hoe zat het bij opvolgende verhuizingen?

Als een persoon of gezin verder trok, dan moest hij zijn eerdere akte van indemniteit meenemen. Indien er kinderen in de vorige plaats waren geboren, moest er een nieuwe borgbrief opgesteld worden.

Een gezin kon dus meerdere aktes van indemniteit uit verschillende plaatsen bezitten. De akte is dus geen eindbestemming of de locatie van overlijden.

Akte van indemniteit niet voor iedereen

Niet iedereen kreeg een akte van indemniteit. Personen die er financieel goed bijzaten waren geen risico voor de nieuwe woonplaats. Ook seizoenarbeiders die tijdelijk kwamen werken, waren geen gevaar.

Maar wat als iemand geen borgbrief kon krijgen, maar wel een risico vormde? Dan kon hij een ‘akte van renunciatie’ laten tekenen. Hierin deed hij afstand van zijn rechten op financiële steun.

De voorwaarden van een akte van indemniteit

Onder de regenten was er best nog veel discussie over de toepassing van deze borgbrieven. Men wilde geen gebedel en vroeg zich af welke richtlijnen en tijdsduur te hanteren.

Hierdoor werden de voorwaarden door de tijd heen steeds aangepast.

In 1731 was de regel dat iemand die langer dan 58 weken zonder borgbrief buiten hun geboorteplaats gewoond had, bij armoede geen beroep mochten doen op hun armenkas.

Hierdoor was diegene aangewezen op de hulp van het bestuur van zijn nieuwe woonplaats.

Vrijwel iedere stad en dorp in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden (en diverse plaatsen in het noordwesten van Duitsland) hanteerden de akte van indemniteit bij verhuizing.

Aanvulling

De akte van indemniteit heeft een grote willekeur van gebruik uit die tijd, maar ook een willekeur van archiefopslag. Zo zijn de meeste akten uit kleinere plaatsen nu gearchiveerd in de relevante streekarchieven of stadsarchieven.

Deze documenten werden sowieso in duplo geschreven want de hoofdpersoon kreeg ook een exemplaar mee. Hij moest dit document kunnen overhandigen dáár waar hij zich vestigde, en daarom zijn er nog wel in particulier bezit.

Let wel: deze documenten zijn er louter voor mensen die UIT een bepaalde plaats vertrok en onderstand had. In kleinere gemeenten waar bijna niemand ‘verhuisde’ zijn ook weinig documenten geschreven

De wetgever bepaalde in 1818 dat de behoeftige in principe moest worden bedeeld door de armenzorg van zijn geboorteplaats. Als de bedeelde vier jaar woonachtig was geweest in een andere plaats en daar de verschuldigde belastingen had betaald, kon die plaats om ondersteuning worden gevraagd. In de wet van 1818 was er geen sprake van recht op bedeling. De gemeenten hadden theoretisch een bepaalde vrijheid om hier al dan niet aan te voldoen. Armenzorg was juridisch dus niet af te dwingen. In de praktijk waren er gemeenten die de bedeling op elkaar probeerden af te schuiven. Daarnaast was er veel discussie over de vraag of kerkelijke armbesturen ook onder de wet van 1818 vielen.

Terug naar lidmaten Thesinge.

Lijst van afgegeevene of ontvangene Acten van Indemniteit

Den 21 April 1806 aan Roelf Willemse Mekkes afgegeven na Groningen voor den tijd van agt jaren.
Den 28 Junij 1806 aan Jan Cornellis afgegeven na Garmerwolde voor den tijd van agt jaren.
Den 9 Aug. 1806 aan Eltje Jans afgegeven na Noordijk voor den tijd van agt jaren.
Den 20 sept. 1806 aan Jan Peters en Anje Jans na garmerwolde voor den tijd van agt jaren.

Ontvangene Acten van Indemniteit

Den 16 Sept. 1806 van Claas Mennes ontv. Acte van Indemniteit (onderst.) Stitswert den 24 Aug. 1806 en (get.) door G.J. Halsewe Pred. e.e. Siwert Siwerts diaken, Wrister F. Cleveringa ouderling P. v.d. Tuil. diaken.

Nb. Deeze bevens staande acte van Claas Mennes aan Eppo Brongers diaken in tegenwoordig. van den Kerkenraad den 8 Nov. 1807 van de Predikstoel des morgens komende overgegeven.

Eppo Brongers (1752-1808), zie in de tekst hierboven, was behalve diaken ook schoolmeester en was de knipkunst meester. Zie ook ons bericht van 7 september jl.

Roelf Willlemse Mekkes.

 Roelf MEKKES, tapper, winkelier (1829).
Geboren 1783 te Thesinge, Ten Boer, gedoopt op zondag 9 maart 1783 te Thesinge.
Overleden op vrijdag 19 juli 1861 te Groningen.
Op 21 april 1806 wordt door de predikant van Thesinge aan Roelf Willemse Mekkes een acte van Indemniteit (attestatie) afgegeven voor de tijd van acht jaar.
Gehuwd.
Echtgenote is Trientje SONIUS, vroedvrouw.
Geboren circa 1778 te Groningen.
Overleden op zaterdag 4 mei 1861 te Groningen.
Dochter van Tonke SONIUS, zakkenverhuurder, en Mientje KASPERS.
bron: hzomer.antenna
bron: Groninger Courant 21 januari 1823

Jan Cornellis. (Thesinge 1778-Harkstede 1862)

bron: beeldbank Groningen

Annotatie Al in 1811 wordt het café genoemd; eigenaar: Jan Cornelis .Woldendorp tapper, winkelier in ”zeep en zoud en ‘broodslieter”. In 1861 kwam het bedrijf in handen van Jan Eeuwkes van der Molen. Zijn zoon Barteld in 1914 en na zijn overlijden in 1938 runde zijn weduwe Grietje Groenhoff het bedrijf. De bakkerij was eind jaren twintig al overgedaan aan bakkersknecht Hendrik Bloemendaal die schuin aan de overkant van de Dorpsweg de bakkerij voortzette. In de jaren zestig kwam ook het postkantoortje van Garmerwolde in het pand. Vervolgens haar schoonzoon Azing Maat, tot het bedrijf in 1979 verkocht werd aan J. Veenstra en J. Wigboldus. Op 30 juli 1982 brandde de zaak af , eind dat jaar werden de restanten gesloopt. In 1985 werd het voorste gedeelte van het perceel verkocht aan de fam. Vliem die er in 1987 het huidige woonhuis op bouwde.

Vervolg Jan Cornellis.

Op 6 december 1778 werd Jan Cornellis gedoopt in Thesinge, zijn ouders waren, Jan Cornellis en Geeske Geerts.

Het huwelijk van Jan (1778) was op 10 april 1804 met Trientje Elles, uit Ten Boer.

( in 1862 komt ze te overlijden met de naam, Trijntje Woldendorp. Haar ouders waren, Elle Sibrands en Maria Pouwels)

Kinderen:

geboren in Garmerwolde, 1805 Marieke (Mareike), 1806 Geesje, 1811 Elle, 1812 Jantje en in 1813 Johanna.

geboren in Harkstede, 1819 Siebrigje, 1821 Jan en in 1824 Trijntje.

Variaties op de naam: Jan Kornellies, Jan Kornelis Woldendorp, Jantje Jans Woldendorp, Trijntje Woldendorp. Trietje Elles Woldendorp.

Bij het overlijden van Jan in 1862 waren de namen van zijn ouders, Jan Kornelis Woldendorp en Geessien Gerrits.

bronnen: Yolanda Lippens, Groninger archief, beeldbank Groningen, delpher, rug, openarchieven, hzomer,atenna en lidmaten Groningen.

1 Comment

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Het modereren van reacties is ingeschakeld. Het kan even duren voordat je opmerking wordt weergegeven.